De balk (ook wel de evenwichtsbalk genoemd) is een smalle (10 cm) en lange (5 meter) balk waarop turnsters elementen doen waarbij ze goed in balans proberen te blijven.
Voor de jongste kinderen wordt de balk op 80 cm hoogte (vanaf de bovenkant van de matten) gezet, en voor de oudste turnsters op 1,05m.
Om de balk op te komen mogen turnsters een springplank gebruiken en bij de afsprong ligt er een extra dempingsmat. Het is verplicht deze extra depmingsmat te gebruiken!
Op balk (en op vloer) worden de elementen verdeeld in 2 categorieën:
In de basis worden vooral de volgende elementen geturnd:
Acrobatisch
Handstand
Rol voorover
Radslag
Dans
Loopsprong
Kattensprong
Pirouette
Bij balk komt het vooral veel voor dat er aftrek wordt gegeven voor wiebels en vallen.
Een val geeft altijd al 1,00 punt aftrek.
Bij een wiebel wordt er gekeken hoe groot de fout is!
Voor een kleine wiebel krijgt de turnsters 0,10 aftrek
Voor een middelgrote wiebel 0,30 aftrek
Voor een grote wiebel 0,50 aftrek
Als een turnster na elk element even een kleine wiebel heeft loopt dit (met 10 elementen) dus al best hard op!
Op balk winnen dus vaak de turnsters die hun oefening stabiel uit kunnen voeren.